"Geworteld en opgebouwd in Christus"


Beschrijving

Het uitgangspunt is dat we de Here Jezus Christus hebben aangenomen als Heere. Vervolgens zijn we gaan wandelen achter de Here Jezus Christus aan. Gods Woord gaat dan voor ons open en Gods Woord komt in ons wonen als we ons leven aan God hebben toevertrouwd. We zijn in Christus gestorven; wij zijn in Hem geworteld en opgebouwd. We kunnen zelf niets doen om God, de Vader te behagen, bijv. door voldoende stille tijd te houden voldoende te bidden etc. Gods liefde is onvoorwaardelijk. In Christus zijn wij volmaakt. Er moet meer van Christus in ons zichtbaar worden en minder van onszelf. Besneden betekent dat het onreine gedeelte is weggesneden en dat er bloed heeft gevloeid. In Christus zijn wij allen besneden. Wij zijn als mens in zijn geheel in Christus besneden (en niet maar een klein gedeelte van ons). Christus werd als een onrein lid weggesneden. Hij heeft al onze zonden, onze eigen gerechtigheden op Zich genomen. In Christus zijn wij gestorven, begraven en weer opgestaan. En nu leven wij voor en in Christus. Houd de zonden voor dood: besteed er geen aandacht meer aan. Niets kan ons scheiden van de liefde van God, niets! Het bewijsstuk, dat tegen ons getuigde, is vernietigd. Christus is de nieuwe werkelijkheid.
Download:

In de preek aangehaalde bijbelteksten (Statenvertaling):

Kolossenzen 2

1 Want ik wil, dat gij weet, hoe groten strijd ik voor u heb, en voor degenen, die te Laodicea zijn, en zo velen als er mijn aangezicht in het vlees niet hebben gezien; 2 Opdat hun harten vertroost mogen worden, en zij samengevoegd zijn in de liefde, en dat tot allen rijkdom der volle verzekerdheid des verstands, tot kennis der verborgenheid van God en den Vader, en van Christus; 3 In Denwelken al de schatten der wijsheid en der kennis verborgen zijn. 4 En dit zeg ik, opdat niet iemand u misleide met beweegredenen, die een schijn hebben. 5 Want hoewel ik met het vlees van u ben, nochtans ben ik met den geest bij u, mij verblijdende en ziende uw ordening, en de vastigheid van uw geloof in Christus. 6 Gelijk gij dan Christus Jezus, den Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem; 7 Geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde in hetzelve, met dankzegging. 8 Ziet toe, dat niemand u als een roof vervoere door de filosofie, en ijdele verleiding, naar de overlevering der mensen, naar de eerste beginselen der wereld, en niet naar Christus; 9 Want in Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk; 10 En gij zijt in Hem volmaakt, Die het Hoofd is van alle overheid en macht; 11 In Welken gij ook besneden zijt met een besnijdenis, die zonder handen geschiedt, in de uittrekking van het lichaam der zonden des vleses, door de besnijdenis van Christus; 12 Zijnde met Hem begraven in den doop, in welken gij ook met Hem opgewekt zijt door het geloof der werking Gods, Die Hem uit de doden opgewekt heeft. 13 En Hij heeft u, als gij dood waart in de misdaden, en in de voorhuid uws vleses, mede levend gemaakt met Hem, al uw misdaden u vergevende; 14 Uitgewist hebbende het handschrift, dat tegen ons was, in inzettingen bestaande, hetwelk, zeg ik, enigerwijze ons tegen was, en heeft datzelve uit het midden weggenomen, hetzelve aan het kruis genageld hebbende; 15 En de overheden en de machten uitgetogen hebbende, heeft Hij die in het openbaar tentoongesteld, en heeft door hetzelve over hen getriomfeerd. 16 Dat u dan niemand oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feest dags, of der nieuwe maan, of der sabbatten; 17 Welke zijn een schaduw der toekomende dingen, maar het lichaam is van Christus. 18 Dat dan niemand u overheerse naar zijn wil in nederigheid en dienst der engelen, intredende in hetgeen hij niet gezien heeft, tevergeefs opgeblazen zijnde door het verstand zijns vleses; 19 En het Hoofd niet behoudende, uit hetwelk het gehele lichaam, door de samenvoegselen en samenbindingen voorzien en samengevoegd zijnde, opwast met goddelijken wasdom. 20 Indien gij dan met Christus de eerste beginselen der wereld zijt afgestorven, wat wordt gij, gelijk of gij in de wereld leefdet, met inzettingen belast? 21 Namelijk raak niet, en smaak niet, en roer niet aan. 22 Welke dingen alle verderven door het gebruik, ingevoerd naar de geboden en leringen der mensen; 23 Dewelke wel hebben een schijn rede van wijsheid in eigenwilligen gods dienst en nederigheid, en in het lichaam niet te sparen, doch zijn niet in enige waarde, maar tot verzadiging van het vlees. 



 

Meer preken van:

Preken over onderwerp:

Preken over bijbeltekst: